De grootste verandering sinds de introductie van ChatGPT is dat de rol van de mens verschuift van “iemand die AI-fouten corrigeert” naar “iemand die AI-werk aanstuurt”. Dat concludeert Ethan Mollick in de bijdrage Three Years from GPT-3 to Gemini 3. Volgens mij is dit voor een deel een rake constatering.
Het is over tien dagen exact -en slechts- drie jaar geleden dat OpenAI de generatieve AI-toepassing ChatGPT publiek beschikbaar stelde. Ik was net terug van de Online Educa in Berlijn waar AI een belangrijk onderwerp was, maar waar generatieve AI bij geen enkele spreker op de radar stond. Op 2 december 2022 deelde ik mijn eerste ervaringen met ChatGPT. Sindsdien maakt ‘generatieve AI’ een ontwikkeling door waarover ik me elke dag verwonder, en gebruik ik generatieve AI-toepassingen ook dagelijks.
Deze week is bijvoorbeeld Google Gemini versie 3 uitgebracht. Volgens Ethan Mollick laat de nieuwste generatie AI-modellen -waar Gemini 3 deel van uitmaakt- zien hoe snel de stap is gezet van tekstschrijver naar ‘co-worker‘. Gemini 3 fungeert volgens hem niet langer alleen als gesprekspartner, maar als digitale collega die zelfstandig plannen maakt, code schrijft en complexe taken uitvoert. En, nee, het is nog steeds geen mens.
De afgelopen drie jaar is de ontwikkeling van AI versneld op een manier die volgens de auteur lastig te bevatten is wanneer je alleen afgaat op benchmarks of losse voorbeelden. De introductie van Google’s Gemini 3 illustreert daarentegen vooral een fundamentele verschuiving in hoe we met AI werken: van antwoorden krijgen naar werk laten uitvoeren. Waar ChatGPT in 2022 vooral indruk maakte door coherent te schrijven, gedichten te maken en humorvolle opdrachten op te pakken, positioneert Gemini 3 zich volgens Mollick als een digitale collega die zelfstandig plant, uitvoert en terugkoppelt.
Een voorbeeld uit Mollick’s bijdrage is een ogenschijnlijk eenvoudig experiment: een verzoek om “te laten zien hoe ver AI is gekomen”. In plaats van een uitleg genereerde Gemini 3 een volledig te gebruiken mini-game, inclusief interface, logica en doorlopende updates tijdens het spelen. Het ging dus niet langer om het beschrijven van een opdracht, maar om het realiseren ervan.
De werkelijke verandering wordt volgens Mollick zichtbaar in Antigravity. Dat is een omgeving waarin Gemini 3 als agent toegang krijgt tot bestanden, programma’s en systemen op de computer. Opdrachten worden in gewone taal gegeven, waarna de AI-toepassing deze vertaalt naar code en zelfstandig uitvoert. De auteur gaf de agent toegang tot een map met zijn eerdere publicaties en vroeg om een overzicht van voorspellingen, aangevuld met webonderzoek naar de juistheid ervan. Gemini 3 stelde een plan op, vroeg om goedkeuring, voerde analyses uit, bouwde een website en controleerde de resultaten in de browser. Deze manier van samenwerken lijkt minder op prompten en meer op het begeleiden van een medewerker die initiatief toont, maar wel afstemt op cruciale momenten. Op YouTube vind je een demo video van Antigravity.
Een tweede demonstratie laat volgens Mollick zien hoe ver het vermogen tot oordeelsvorming inmiddels reikt. Gemini 3 kreeg oude onderzoeksbestanden, waaronder verouderde STATA-bestanden en Excel-bestanden met onduidelijke namen. Zonder aanvullende instructies herstelde de applicatie beschadigde gegevens en doorgrondde het de complexiteit van de omgeving.
Vervolgens vroeg de auteur om een wetenschappelijk artikel op basis van deze data, zonder richting te geven. Gemini 3 formuleerde een onderzoeksvraag, onderzocht theorieën, voerde statistische analyses uit en leverde een artikel van veertien pagina’s aan. Zelfs een eigen maatstaf voor de originaliteit van crowdfunding-ideeën werd door de AI ontwikkeld.
Deze prestaties zijn indrukwekkend. Toch wijst de auteur ook op beperkingen die herkenbaar zijn voor iedereen die met startende onderzoekers werkt. Sommige methoden waren niet optimaal, bepaalde conclusies waren net te ambitieus en een extra aanwijzing zorgde direct voor een betere analyse. De vergelijking met een promovendus die nog aangestuurd moet worden, is volgens Ethan Mollick op z’n plaats.
Hij merkt daarbij op dat je uit deze voorbeelden op kunt maken dat in onze eigen rol aan het veranderen is. Waar we voorheen vooral bezig waren met het corrigeren van fouten of het bijsturen van taalproductie, verschuift de aandacht nu naar het geven van richting, het beoordelen van keuzes en het bewaken van de kwaliteit van het eindproduct. ‘Human in the loop’ betekent in deze context Mollick steeds meer: iemand die het werk van een digitale collega regisseert.
De auteur waarschuwt in een voetnoot wel voor mogelijke risico’s wanneer je AI-agenten toegang geeft tot je systeem. Ze kunnen bestanden verplaatsen of verwijderen zonder het door te hebben, en er zijn veiligheidsrisico’s wanneer documenten buiten je eigen omgeving terechtkomen.
Mijn opmerkingen
Ik geef AI-toepassingen zelf geen toegang tot mail, agenda en documenten. Met uitzondering van mijn Google-agenda -die ik eigenlijk niet gebruik en daarom kan inzetten voor experimenten- en Google Drive (waar geen gevoelige documenten staan). Volgens mij is dat op basis van wetgeving ook niet toegestaan.
Los daarvan ervaar ik ook de verschuiving van chatbot naar ‘co-worker’. Het blijft wel een ‘partner’ waarvan je de output moet blijven controleren -ik ben schijnbaar minder optimistisch dan Ethan Mollick- en waarbij je volgens mij nog steeds ‘context engineering‘ moet toepassen om goede resultaten te boeken, ook al lijkt dat bij Antigravity niet het geval te zijn.
De interactie van mens met ‘AI’ is inderdaad aan verandering onderhevig, met gevolgen voor samenwerking, sturing en verantwoordelijkheid. Dat stelt m.i. ook hogere eisen aan ‘AI-fluency‘. Een ‘co-worker’ regisseren is immers complexer dan ‘prompten’ en output checken.
Tegelijkertijd zit daar ook mijn zorg. Er zijn nog steeds mensen zonder of met weinig expertise op het gebied van AI-technologieën die nu al alomtegenwoordig zijn. De verschuiving van chatbot naar ‘co-worker’ lijkt me dan ook een belangrijk gespreksonderwerp om te adresseren door L&D’ers, leidinggevenden en professionals die zich wel bewust zijn van de urgentie.
Mijn bronnen over (generatieve) artificiële intelligentie
Deze pagina bevat al mijn bijdragen over (generatieve) artificiële intelligentie, zoals ChatGPT.
Geef een reactie